Mag het een onsje meer zijn?

Het fotobewijs

Gisterenavond bekeek ik nog eens het fotoboek dat ik een tijdje geleden van mijn vriendin Celine heb gekregen. Het is een weergave van de Camino Portugues die we afgelopen september hebben gewandeld. Onze voettocht leidde van Tui naar Santiago de Compostella. De foto’s brengen de herinnering van de ongekend heerlijke vakantie weer boven: vier chicas, zes dagen wandelen langs de mooiste plekjes van Galicië, onder het genot van deliciosa comida y bebidas españolas! En wat hebben we gelachen. En natuurlijk hebben we hier en daar ook een traantje weggepinkt.

Het is fantastisch om een beeldverslag te hebben van deze geweldige vakantie. Ik ben Celine er ook zeer dankbaar voor. Er zit echter één zuur kantje aan dit cadeau. In mijn hoofd ben ik nog steeds een dartele twintiger. En de keren dat ik in de spiegel kijk zie ik die twintiger ook gewoon staan. Maar dit fotoboek heeft me het pijnlijke bewijs geleverd dat ik in werkelijkheid niet meer zo lichtvoetig ben. En in tegenstelling tot Celine, zie ik er zelfs van achteren niet eens meer jong uit!

Tot halverwege twintig woog ik 56 kg. Dat zijn de 56 kilo die ik nog dagelijks in de spiegel zie staan. Je zult begrijpen dat de fotografische bewijslast van twintig kilo extra, aardig confronterend was. Tsja, nou ben ik ben inmiddels ook bijna 45, heb drie kinderen gebaard en ben sinds enige tijd in de overgang. En volgens mij is vooral die laatste de grootste boosdoener. Daar waar je bij de slager nog de keuze krijg of het een onsje meer mag zijn, dringt de overgang je de kilo’s gewoon ongevraagd op. De vijf B’s- buik, bovenbenen, bovenarmen, billen en borsten- blijft niets bespaard. Alhoewel ik dat extraatje op de laatste B wel kan waarderen.

Achteraf gezien heb ik wel schattig verpakte hints van de kinderen ontvangen:
“Mama, jij bent niet dik. Je bent gewoon een beetje bollig.” en
“Mama, zou je het niet fijn vinden om weer een beetje meer te gaan sporten?” 

En ook de recentelijke constatering van mijn moeder, dat ik met mijn rondingen een ideaal model voor de kunstacademie zou zijn, had ik misschien beter tot me door moeten laten dringen. Ik meen zelfs dat ze een verwijzing heeft gemaakt naar Rubensiaanse vrouwen.

En toch ben ik blij met deze overgangsfase. Transformatie is zelden verkeerd. Alleen al de gedachte dat ik nooit meer ongesteld hoef te worden, doet mij al jubelen. Het is alleen jammer dat ik niet transformeer in een vederlichte dagvlinder maar in zo’n voluptueuze nachtvlinder. En ook al zou ik graag nog eens vertoeven in dat strakke lijf van die twintiger, ik zou niet willen ruilen met de vrouw die ik toen was. Ik ben zodanig tevreden met mijn huidige ik dat ik de Rubensiaanse vormen graag op de koop toe neem. En mocht ik me toch nog een keer onzeker voelen door de geleverde fotografische bewijslast, dan laaf ik me wel in de zoete klanken van Robin Thicke: ‘you don’t have to be perfect, ‘cause you’re perfect the way that you are.

En wie weet dient zich nog een kunstenaar aan die op zoek is naar een Rubensiaanse vrouw. Dan kan ik ondanks dat ik ‘gewoon een beetje  bollig’ ben misschien toch nog iemands muze worden.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s